Vleesbotten voor de kat: Wat zijn de voordelen en welke mogen ze hebben?

Kat vleesbotOver het eten van botten door katten bestaat redelijk wat discussie. Een veelgenoemd tegenargument stelt dat het eten van botten gevaarlijk zou zijn. In De vooroordelen over rauw vlees ga ik al kort in op dit statement.

 

In dit artikel wil ik vooral de positieve kant benadrukken.Waarom zou je je kat vleesbotten voeren? Wat zijn de voordelen hiervan?

 

Benieuwd? Lees dan zeker verder.

 

Het belang van bot

Beenderen bestaan grotendeels uit calciumfosfaten en collageen. Vooral calcium is een belangrijk onderdeel, omdat katten dit vrijwel alleen uit beenderen halen (in tegenstelling tot de mens die dit voornamelijk uit zuivelproducten haalt).

 

Calcium is een belangrijk mineraal dat invloed heeft op verschillende processen heeft in het lichaam. Buiten de opbouw en het onderhoud van het skelet en gebit, heeft calcium ook invloed op de werking van spieren, de hormoonafgifte en het transport van verschillende mineralen.

 

Een tekort aan calcium kan zich dus gaan uiten in een zwakker gebit en problemen aan het skelet, zoals rachitis (vooral bij kittens), osteoporose, artritis en dus ook een hogere gevoeligheid voor breuken en slechter herstel. Ook spiertrillingen, diarree of juist constipatie, problemen aan het hart- en vaatstelsel, en problemen aan de blaas, nieren en lever kunnen een gevolg zijn van calciumtekort. [1] [2]

 

Voordelen voor het gebit

Wat ingrediënten betreft, is een rauw dieet al beter geschikt om de vorming van tandplaque tegen te gaan dan de meeste commerciële diëten. Plaque bestaat namelijk voornamelijk uit polysacchariden en glycoproteïnen (aan suikers gekoppelde eiwitten) en laat dat nu vrijwel niet aanwezig zijn in een volledig dierlijk dieet.

 

Buiten dat heeft het voeren van vleesbotten nog een veel groter voordeel: Het heeft een poetsende werking op het gebit. De tanden zinken volledig in het voer om dit in stukken te krijgen. Hierdoor schuurt het langs de tanden en worden voedselresten dus regelmatig weggehaald. 1 2

 

Er is een kleinschalig onderzoek gedaan door dr. T. Lonsdale naar het effect op het gebit van bewerkte voeding ten opzichte van dieet met vleesbotten. Ondanks dat dit onderzoek bij honden is uitgevoerd, is het resultaat duidelijk: Dieren met een perfect gebit kregen na een korte periode van bewerkte voeding tandplaque, ontstoken tandvlees en een stinkende adem. [3] [4]

Zie ook: Wat is het effect van brok en vleesbot op de tanden?

Kat vleesbot

 

Geschikte botten

Bij het voeren van vleesbotten is het verstandig om rekening te houden met de capaciteiten van de kat. Zo zal een beginnende knager meer moeite hebben met hardere botten dan een ervaren knager, waardoor het dus belangrijk is om het type bot hierop aan te passen.

 

Onderstaande lijst geeft een indicatie van de hardheid van verschillende diersoorten en hun “onderdelen”. Nu is dit puur een indicatie, aangezien er nog wat andere factoren meespelen op de invloed van bot. Hierover verderop meer.

ZachtMatigHardExpert
Duif compleetEendennekEendenlijfEendenpoten
KippennekEendenvoetenFazantenlijfFazantenpoten
Kwartel compleetKippenlijfFazantenvleugelsHazenkop
KonijnenlijfKalkoennekKonijnenkop
ParelhoenlijfKippenvleugelsParelhoenpoten
ParelhoenvleugelsPatrijzenlijfZalmkop
ZalmlijfPatrijzenvleugels
Zalmstaart
(Swipe naar links als je op je mobiel zit voor de gehele tabel.)

 

Toelichting termen

Zacht – Geschikt voor beginners en kittens

Matig – Geschikt voor volwassen katten na enige oefening

Hard – Geschikt voor ervaren en goede knagers

Expert – Alleen geschikt voor zeer ervaren en sterke knagers

Gevogelte voet – Het onderste deel van de poot waar de tenen aan zitten.

Gevogelte poot – De rest van de poot (zowel het dijbeen als de drumstick).

Vleugel – Complete vleugel. Hardheid gebaseerd op hardste onderdeel.

Lijf – Zonder poten, vleugels, kop, staart.

Zoogdier poot – Complete poot.

Deze tabel geeft een weergave van rauwe, onbewerkte botten. Bewerking heeft invloed op de hardheid en verteerbaarheid van de botten. Dit wordt verder besproken onder “Ongeschikte botten.”

Gevogelte karkas

 

Snoeischaartest

Verschillende bronnen benoemen de snoeischaartest. Wanneer een bot kan worden doorgeknipt met een snoeischaar, zou het ook geschikt zijn om te geven. Wat hierbij dan vervolgens niet wordt benoemd, zijn de factoren die hierbij meespelen, waardoor de test misschien wel of niet betrouwbaar is.

 

Snoeischaren heb je in verschillende soorten en maten en een vlijmscherpe en sterke schaar kan mogelijk nog makkelijk door een bot gaan die misschien toch niet meer zo ideaal is voor de kat. Een bot, simpel schaartje is in mijn ogen dan een veiligere keuze.

 

Invloeden op natuurlijke hardheid

Zoals hierboven al aangegeven, zijn er verschillende factoren die meespelen bij de hardheid van bot. Hiervoor zijn een aantal basis-richtlijnen:

Leeftijd – Jongere dieren hebben in vergelijking tot oudere dieren meer kraakbeen en minder calcium in de botten. Hierdoor zijn ze wat flexibeler en zachter dan oudere botten met meer calcium. Jonge dieren hebben dus zachtere botten dan oudere dieren.

Biologisch, scharrel of bioindustrie – Botten worden sterker naarmate ze meer worden gebruikt. Dieren die meer kunnen scharrelen hebben dus sterkere en hardere botten dan dieren die weinig ruimte krijgen. Waar een kiloknaller met gemak wordt gegeten, kan biologisch dus best een tandje meer nodig hebben.

Wild of tam – Ook hier speelt het verschil in bewegingsruimte weer sterk mee. Een wild dier zal hierdoor best een stuk harder zijn dan een tam/gekweekt dier. [5] [6] [7] [8]

 

Ongeschikte botten

Hierboven wordt de mate van geschiktheid beoordeeld op basis van de hardheid van de botten. Een punt wat ik hierbij noemde, was de bewerking van de botten. Hiermee bedoel ik voornamelijk verhitting.

 

Buiten het feit dat verhitting een nadelig effect heeft op de opname van mineralen zoals calcium, is verhitting ook gevaarlijk. Een hogere temperatuur maakt bot namelijk niet alleen stugger, het wordt hierdoor ook gevoeliger voor splinteren.

 

Deze stugge botten zijn ten eerste al niet goed voor het gebit. Het slijt sneller of kan zelfs de tanden breken. Daarbij verteert het steeds moeizamer, waardoor de kans op verstoppingen wordt vergroot. Tenslotte is er nog het gevaar op verwondingen. Botsplinters zijn erg scherp en kunnen vrij gemakkelijk het maag-darmstelsel perforeren, met interne bloedingen tot gevolg. [9] [10]

 

Geef dus nooit verhit bot!

 

Van nature te hard

Nu geeft de tabel van hierboven een handig overzicht van de geschiktheid van verschillende dieren en hun botten. Nu is dit best een lijst en dat kan het lastig maken om het volledig te onthouden. Er zijn gelukkig ook een aantal richtlijnen voor botten of dieren die beter niet worden gevoerd. Die lijst is een stuk korter, waardoor dit makkelijk wordt vermeden.

 

Dragende delen – De poten van wat grotere diersoorten zijn ervoor gemaakt om tegen een hoop weerstand te kunnen. Deze botten zijn dus erg hard en veroorzaken teveel slijtage aan het gebit. Verder verteert het erg lastig, waardoor het nut van het bot grotendeels wegvalt.

Gevogelte kán hierop een uitzondering zijn, maar enkel voor katten die een volledig rauw dieet hebben en getraind zijn in de verwerking van hardere botten.

 

Grote diersoorten – Dieren als schapen, geiten, paarden en runderen zijn over het algemeen te hard voor katten. Deze komen ook niet voor in het natuurlijke dieet van de kat. Van jonge dieren zijn de ribben soms nog acceptabel, net als strotten, maar hier moet wel zorgvuldig mee worden omgegaan.

Bot grasveld

 

Kaal bot

Een maaltijd van bot die niet wordt aangevuld met vlees of orgaan werkt verstoppend en kan dus leiden tot blokkades in het darmstelsel. Het is dus belangrijk om altijd ruim bevleesde botten te geven of diezelfde dag nog een maaltijd vlees en/of orgaan aan bieden.

 

Voorbeeld: Een kippennek van 35 gram bevat ongeveer  35% kaal bot (12,25 gram). Om dit recht te trekken naar prooiverhoudingen (5-7% kaal bot) zou je ongeveer 140 gram vlees bij moeten voeren. Nu hoeft dit niet op 1 dag, maar ik zou niet meer dan 50% kaal bot in één maaltijd geven.

 

Aandachtspunten

Ondanks dat vleesbotten en prooidieren een natuurlijke manier van voeren zijn, blijven er een aantal factoren meespelen waarop kan worden gelet om de kans op risico’s zoveel mogelijk te beperken. Niet elke kat is even bedreven in het kraken van botten of in de beheersing tijdens eten, waardoor kleine risico’s altijd kunnen ontstaan.

 

Vleugels

Vleugels bestaan uit drie delen: “Drummette”, “wingette” en “tip” (er zijn helaas geen eenduidige Nederlandse benamingen voor). Over het algemeen kraken katten zelf de delen los, maar er zijn ook katten die dit niet doen. Door de V-vorm kan het lastig zijn om de vleugel dan goed te verwerken. Problemen zijn te voorkomen door de vleugel in te knippen op de gewrichten. Hiermee doorbreek je de V-vorm en is de kans kleiner dat de vleugel ergens blijft steken.

Vleugel delen

Formaat

Probeer delen aan te bieden die flink wat te groot zijn om in een stuk door te slikken. Zo wordt de kat gedwongen om er zelf kleinere stukken van te maken. Stukken worden weleens overschat, waardoor deze kunnen blijven hangen in de bek of keel (vooral bij ribben vaak een probleem).

In de meeste gevallen wordt het stuk dan “teruggegeven” om vervolgens in kleinere en/of beter gekraakte delen terug te worden opgegeten. Deze delen zijn dan nog niet in de maag geweest en er zal bij het teruggeven dus ook geen maagzuur meekomen.

 

Verstikking

Mocht de kat nou tóch te gulzig zijn geweest en het stuk niet terug kunnen krijgen, is er kans op verstikking. Nu komt dit gelukkig vrijwel niet voor, maar het is om deze reden dus wel verstandig om erbij te blijven wanneer vleesbotten of prooien worden gegeven. Mócht het dan fout gaan, kan er direct worden ingegrepen door middel van de heimlichmanoeuvre.

Belangrijk is om duidelijk het onderscheid te kennen tussen de meer gebruikelijke braak-/kokhalsgedragingen en daadwerkelijke verstikking. Hierbij is het handig om te weten wat de kat vlak ervoor heeft gedaan (bijvoorbeeld het eten van een vleesbot), maar er zijn ook een aantal duidelijke signalen waar op kan worden gelet:

  • Klauwen naar het gezicht
  • Kwijlen
  • In paniek raken

Hierbij kunnen de slijmvliezen van bijvoorbeeld het tandvlees worden gecheckt. Zijn deze blauw of paars, dan duidt dit op zuurstoftekort.

 

Toezicht

Zoals hierboven ook al kort is aangekaart, is het Kat vlees pootverstandig om het dier niet alleen te laten bij het voeren. Buiten de risico’s wordt hierdoor ook veel duidelijk over het eetpatroon van het dier en de gebruikelijke gedragingen hierbij. Dit geeft een duidelijk beeld van de normale gang van zaken en zorgt voor een duidelijke basis, waarnaast afwijkingen sneller kunnen worden gespot.

 

Gedrag

Onthoudt, elke kat is uniek en kan anders reageren op deze manier van voeren. Ze kunnen meer behoefte hebben aan ruimte, enthousiaster worden met eten of zelfs luidruchtiger gaan eten (al dan niet gepaard met grommen).

Het is van belang om dit terug te koppelen naar het natuurlijke gedrag van de kat als solitaire jager en dit niet te zien en behandelen als agressie of “baknijd”. Een maaltijd als deze kan worden gezien als extra waardevol en kan dus ook op die manier worden verdedigd. Gun de kat de ruimte om dit te uiten, het is immers natuurlijk gedrag.

 

Alternatieven voor bot

Nu zijn er alternatieve calciumbronnen beschikbaar. In een KVV wordt bijvoorbeeld regelmatig gebruik gemaakt van een calciumsupplement, een synthetische botvervanger. Een nadeel hiervan is dat dit anders wordt verwerkt en uitgescheiden, waardoor het ook niet helemaal duidelijk is in hoeverre dit zich op kan hopen in het lichaam.

 

Een natuurlijk alternatief is bijvoorbeeld eierschaal. In grotere delen wordt dit slecht opgenomen, maar eenmaal vergruisd is dit een goed alternatief. Het nadeel hiervan is dat het deel fosfor mist wat wel in beenderen zit, maar voor nierpatiënten kan dit hierom juist een uitkomst zijn. Verder bevat het niet de aminozuren die te vinden zijn in collageen en ontbreken er ook stoffen uit het kraakbeen en beenmerg, zoals chondroïtine en glucosamine. [11]

 

Zowel natuurlijke als synthetische alternatieven bieden uiteraard niet de voordelen voor het gebit. Het kan daarom dus wél een oplossing zijn voor katten die bijvoorbeeld geen tanden meer hebben en hierdoor geen grote(re) stukken meer kunnen verwerken. De vraag is dan wel in hoeverre het prooidiermodel te implementeren is bij de kat en of niet beter gekozen kan worden voor een gemalen dieet.

 

Conclusie

Vleesbotten zijn een waardevolle of misschien zelfs wel essentiële toevoeging aan het dieet van de “raw fed cat” kijkend naar de voedingsstoffen die hier inzitten en het positieve effect op het gebit. Blijf wel kijken naar de capaciteiten van de kat en pas de maaltijd hier op aan, zodat risico’s tot het minimale kunnen worden beperkt.

 

Omdat foto’s niet alles zeggen, hier een filmpje van een echte “raw cat”, Amon. Dit is zijn eerste keer met een “wingette” en zoals je ziet, weet hij dit goed te kraken alvorens het in te slikken:

 

 

Kat silhouette

Bronnen

[1] ‘Dem bones, ‘dem bones, ‘dem… scary bones. (link)

[2] Raw diets and cats, what about eating bones? (link)

[3] The disturbing cause of dental disease in dogs. (link)

[4] What dry food does to your cat’s teeth. (link)

[5] Raw meaty bones feeding guide. (link)

[6] Vleesbottenlijst kat. (link)

[7] De BARF methode. (link)

[8] Voedingsinformatie: BARF voeren. (PDF)

[9] Feeding raw bones to dogs and cats. (link)

[10] Effect of temperature on the fracture toughness of compact bone. (2007) (abstract)

[11] Whole bone alternatives: When and how to use them in a raw fed cat’s diet. (link)

Vond je dit artikel interessant?
Meld je dan aan voor meer tips en de nieuwste blogs.
Plus de download "In 4 stappen kattenvoer beoordelen".

*Geen spam!

Wist je dat... Je kunt PurrfectCat ook volgen op Facebook!

2 reacties:

  1. Hoe kun je een kat helpen als ie stikt? Je noemt de heimlichgreep maar hoe pas je die toe bij katten?

    En hoe kun je rauwe botjes het beste geven om aan te wennen? Mijn katten zijn nogal (lees vreselijk) kieskeurig en zullen het laten liggen. Kan ik het dan een beetje mengen met natvoer?

    Het klinkt miscn gek maar is een stukje rauw kip écht veilig om te geven? Ik ben zo bang dat ie er ziek van word doordat het rauw is (bijv samonellabacterie).

    • Wat de Heimlichmaneouvre betreft, zijn er verschillende visies op het hoe deze uit te voeren (dit zal ik later nog uitgebreid bespreken), maar de basis komt in principe op hetzelfde neer.

      Stap 1 is de controle van de bek. Kijk of hier een de blokkade zit en probeer deze voorzichtig los te krijgen. Je kan de tong wat naar voren trekken en met een vinger of pincet het voorwerp proberen te pakken te krijgen. Let hierbij op dat je het niet verder de keel in duwt, maar ook dat je niet gebeten wordt. Een tweede persoon is hierbij dus extreem handig/raadzaam (indien mogelijk).

      Stap 2 hangt een beetje af van het bewustzijnsniveau van de kat. Een kat die ver weg is, kun je bij de heupen oppakken en ondersteboven tegen je aan klemmen. Je kan eerst even schudden of direct met een vuist meerdere malen druk uitoefenen onder het middenrif (net zoals bij mensen). Niet te vaak, een keer of 5.

      Als stap 2 niet mogelijk is, kun je op je knieën achter de kat gaan zitten en op die manier de kat tegen je aan klemmen. Je kunt zo ook je vuist onder het middenrif plaatsen en druk uitoefenen.
      Als de kat echt in paniek is, kun je deze in het nekvel fixeren en op deze manier tussen je armen klemmen (dit is echt als het niet anders kan).

      Voor stap 3 laat je de kat zitten en geef je een paar stevige klappen tussen de schouderbladen (ook vergelijkbaar met bij mensen).

      Blijf stap 2 en 3 herhalen, tot het voorwerp los komt.
      Als je het idee hebt dat het voorwerp loskomt, kun je stap 1 herhalen. Op blijven letten dat je het niet terug de keel in duwt. Dit kan bij elke stap zijn.

      Het is raadzaam om contact te hebben met de dierenarts tijdens (telefoon op speaker) of na het uitvoeren van de handeling. Wanneer het niet lukt, kan de dierenarts sneller ingrijpen en ze kunnen ook tips geven.
      Wanneer het voorwerp verwijderd is, is het verstandig om de dierenarts te laten controleren op eventuele beschadigingen.

      Bij een kat die geen bot eet, zou je kunnen beginnen met KVV. Hierin zijn de botjes dusdanig fijngemalen dat het niet doorgebeten hoeft te worden.
      Als je het knagen wil stimuleren, zou je ook kunnen beginnen met bijvoorbeeld een eendagskuiken. De botjes hierin zijn erg zacht, maar het vereist dus wel wat werk van de kat.
      Zodra je wat groter werk wil proberen, zou je het in het begin kapot kunnen slaan met een hamer. Je verlaagt de moeilijkheidsgraad dan wat, waardoor de stap vaak wat lager ligt. Dit kun je dan steeds wat meer opbouwen.

      Dat gezegd hebbende.. Sommige katten moeten gewoon echt niks hebben van bot. Mijn oudste dame legt de grens bij kuiken en zal enkel in een extreem goede bui een poging doen op een platgeslagen duivennek. Ze vist bij een grofgemalen KVV ook het bot eruit.

      Als je denkt dat mengen met natvoer kan helpen, is het zeker iets wat je kunt proberen. Wie niet waagt, die niet wint natuurlijk.

      Wat de Salmonella enzo betreft, zou je misschien dit artikel eens kunnen lezen: De vooroordelen over rauw vlees. Hierin bespreek ik verschillende “risicofactoren” die vaak in 1 adem genoemd worden met rauwe voeding, waaronder ziekteverwekkers als Salmonella.

      Hopelijk is het zo een beetje duidelijk!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *