Overgewicht bij katten: 10 redenen waarom onze massaal te dik zijn

lazy catNiet alleen bij mensen zien we steeds vaker overgewicht, maar ook bij katten. Het blijkt dat maar liefst 50% van onze huisdieren massaal te dik zijn. Dat zijn maar liefst 2,5 miljoen dieren! Sommige schattingen gaan zelfs door tot 60%.

 

Maar waarom worden onze huisdieren te dik?

 

Het korte antwoord is: hun calorie inname overstijgt hun calorie verbruik. Liever gezegd: ze eten te veel en ze bewegen te weinig. Of nog beter: wij voeren ze te veel.

 

En dat is gevaarlijk. Want met overgewicht en obesitas komt niet de ‘schattigheid’ naar voren, maar allerlei gezondheidsrisico’s. Ze kunnen zichzelf niet meer goed wassen (huidproblemen), ze kunnen niet meer goed lopen (gewrichtspijn onder de kilo’s), hebben een grotere kans op suikerziekte (diabetes) en andere ziekten (zoals hartfalen). Bij droogvoer wordt de kans op urinewegaandoeningen ook nog eens vergroot, door het gebrek aan vocht.

 

Aangezien wij ze voeren, kunnen we daar ook iets aan veranderen. Dat is het zeker waard als je kijkt naar de risico’s.

 

Waarom worden onze katten massaal te dik en obees?

 

Ontkenning: Mijn kat is niet te dik

Body Condition ScoreVoor velen is het moeilijk te erkennen dat hun kat te dik is óf ze vinden het gewoon ‘een mooie, gezellige dikkerd’. Uit een Engels onderzoek bleek dat 50% van de eigenaren op de body condition score nummer 4 of 5 aanwees (op een schaal van 1 tot 5). Echter is slechts 17% zich er van bewust dat dit te dik is.

 

Dit is een groot probleem. Als we katten niet herkennen als ‘dik’, maar als ‘gezond’, hoeven we niets te veranderen. Zelfs waarschuwingen van de dierenarts worden in de wind geslagen.

 

Toch denk ik dat bewustwording een belangrijkste stap is in het terugdringen van overgewicht en obesitas onder katten (en ook honden overigens). We moeten leren wanneer katten dik zijn. Want aan dik zijn kleven grote nadelen, zowel direct als indirect. Zo is het moeilijk voor de kat om zich te bewegen, om te spelen en om zich te wassen. Tevens verhoogt het risico op hartkwalen, suikerziekte en kanker.

 

Weet jij of jouw kat te dik is?

 

Droogvoer is populair

Hills Feline Adult kip kattenvoerVeel katten krijgen droogvoer. Dit is gemakkelijk en goedkoop. Maar is het ook het beste? Als je droogvoer geeft, kijk dan eens op de ingrediëntenlijst. Waarschijnlijk zie je zoiets als dit:

 

Gevogeltemeel, Tarwe, Dierlijke vetten, Mais, Maiszetmeel, Rijst, Proteïnehydrolysaat, Mineraalstoffen, Gedroogde bietenpulp, Visolie (Hill’s)

 

Is er iets dat je opvalt, zoals de hoeveelheid graan- en groentesoorten? Hoe eerder dit verschijnt op de lijst, hoe meer in zit. Deze planten worden om twee redenen toegevoegd. Allereerst wordt een brokje gruis zonder zetmeel. Ten tweede vinden veel grote merken dat zodra er genoeg eiwitten inzitten voor de bouwstoffen, de rest van de energie aangevuld kan worden met koolhydraten.

 

Waarom is dat erg?

 

Kijk eens naar een muis: vlees, spieren, botjes – de muis werd met huid en haar (letterlijk) opgegeten. Slechts 5-10% van die maaltijd is plant, namelijk de maaginhoud. Brokjes bestaan uit 30-50% koolhydraten!

 

Het metabolisme (stofwisseling) van de kat is gericht op proteïne. Hier halen ze hun energie en voedingsstoffen uit. Koolhydraten zijn juist moeilijk te verwerken en worden al snel omgezet in vet. Zowel vet dat je kunt zien aan de buitenkant als vet om de organen heen.

 

Maar er is nog een probleem: koolhydraten zorgen er niet voor dat je kat zich vol voelt. Hij heeft immers zijn essentiële bouwstoffen nog niet binnen die hij normaal uit vlees krijgt. Daardoor eet hij veel meer van dit suiker houdend buffet die enorm energie dicht zijn.

 

Advies: Stap over naar blikvoer

Nee, natvoer is geen ‘verwennerij’. Natvoer hebben vaak minder graanvullers en bevat daardoor vaak een hoger percentage proteïne en minder koolhydraten. Bovendien bevat het vocht ín het voer, waardoor je kat beter gehydrateerd blijft. En dat is goed voor zijn nieren en urinewegen.

 

Alhoewel er grote verschillen bestaan tussen natvoer, is er ook eentje te vinden voor jouw portemonnee die je kat lekker vindt. Dit kan een tijdje duren, zeker als je kat altijd gewend is brokjes te krijgen, dus houdt vol!

 

Lees: Hoe wissel je van kattenvoer? voor tips

 

De brokjes (voer) zijn zo smakelijk

Maar hoe kan het dan dat katten toch op die brokjes aanvallen? Waarom zien ze dit überhaupt als voer als het zó slecht voor ze is?

 

Smaakmakers zijn de oplossing. De brokjes krijgen een onweerstaanbare coating. Dit kan gaan om gehydrolyseerde eiwitten, een bouillon, een vet-spray, smaakstoffen of ‘natuurlijk smaakmakers’ – veelal een vorm van MSG. Dat is niet alleen verslavend, maar ook gerelateerd aan verschillende ziekten, waaronder obesitas!

 

Het is makkelijk te eten

Voor zowel brokjes als natvoer geldt dat het makkelijk te eten is. De stukjes zijn in slikbare stukjes verdeeld. Ze hoeven amper te kauwen of stukken af te scheuren. Dit zorgt ervoor dat de kat in korte tijd veel kan eten. Bij mensen duurt het even voordat we echt voelen dat we vol zitten. Aangenomen dat dit bij katten ook zo werkt, eten ze in die korte tijd waarschijnlijk meer dan nodig.

 

Te grote porties

Droogvoer is erg calorie dicht. Dat betekent dat je ongeveer 50-60 gram mag voeren per dag (soms zelfs maar 30 gram!). Dat is maar iets meer dan een handje vol! Daardoor voer je al snel te veel, want het lijkt echt wel heel weinig.

50 gram kattenvoer

Op de foto zie je 50 gram liggen op een boterhambordje. Bedenk dat je dit verdeeld over 2 of 3 maaltijden en je houdt amper wat over per keer!

 

Bij free feeding (onbeperkt voer geven, wat het meest gebruikelijk is bij brokjes) wordt dit probleem nog eens verergert, omdat je geen idee hebt hoeveel je kat eet. Dit is een serieuze factor in het ontwikkelen van overgewicht. Ondanks dat we denken dat katten zichzelf beheersen, maken zij geen schijn van kans tegenover de heerlijk ruikende en smakende brokjes. Bovendien vullen weinig brokjes de maag maar een klein beetje, waardoor een ‘ik ben vol’ signaal komt minder aanwezig is. Hierdoor eten zij vaak alsnog te veel.

 

Als regel geldt: heb je geen idee hoe lang je met een zak doet, dan voer je waarschijnlijk te veel. Neem niet de gok dat jouw kat zichzelf kan reguleren.

 

 

Advies: Stap over op geplande, afgewogen maaltijden

Voeren van maaltijden heeft meerdere voordelen: je weet hoeveel je kat eet, je ziet het direct wanneer hij niet eet en het maakt het voeren van natvoer makkelijker.

 

Bereken overigens zelf de porties. De aanbevolen hoeveelheden op de verpakking zijn vaak voor een actievere buitenkant, terwijl binnen- en gecastreerde katten minder voer nodig hebben. Daardoor zijn die aanbevelingen vaak te hoog.

 

Natvoer heeft daarnaast nog een voordeel. Omdat het minder caloriedicht is, kun je een omvangrijkere portie geven. Dit is niet voor de kat (let op de aangeraden porties!), maar voor jezelf: je hebt meer het idee dat je een adequate portie geeft.

 

Portiecontrole is de belangrijkste stap naar gewichtscontrole. In de ‘mensenwereld’ bestaat het geloof dat als je maar genoeg sport, de kilo’s eraf vliegen. Het is niet waar.

  1. Droogvoer is als MacDonalds: Lekker, maar energiebommen zonder veel bouwstoffen. Je blijft maar eten.
  2. Een hoge calorie-inname (veel eten) maakt voldoende calorieverbranding (bewegen) moeilijk. Hier kun je niet tegen sporten.
  3. Als je plotseling meer gaat sporten, past het lichaam zich aan en gaat zuiniger om met zijn energie (waardoor je kat weer aankomt).
  4. Als je kat al erg zwaar is, is bewegen moeilijk, pijnlijk en uitputtend. Hierdoor is één minuut soms al te veel.

 

Daarom denk ik dat beginnen met portie reductie het belangrijkste is (doch nooit een crash dieet!) en daarnaast je kat proberen meer te laten bewegen. Hem alleen meer laten bewegen zal naar mijn schatting onvoldoende zijn.

 

Teveel extraatjes

Kat steelt worstjesNaast te grote porties, zijn regelmatige extraatjes een probleem.

 

Een stukje vlees van tafel, een kattensnoepje of een schoteltje melk. Voor de dagelijkse calorieën die een kat mag hebben, hakken deze extraatjes er hard in. Zeker als je daarnaast ook nog de gewone maaltijdportie voert.

 

Naast onbeperkte porties, zijn extraatjes een dagelijks gebruik geworden. Mede dankzij marketing hopen we hiermee de liefde van de kat te winnen en toegegeven: het is gewoon leuk om ze te zien smullen.

 

Maar we doen hiermee onze kat op lange termijn geen plezier. Obesitas is geen grapje. Je kunt je kat ook verwennen door een extra aai over zijn bol of door met hem te spelen.

 

Advies: Extraatjes met (extreme) mate

Er is niets mis met een snoepje geven. Als het maar af en toe is – en dit vergeten we makkelijk. Zelf gaf ik Lapje slechts 1 snoepje per 2 dagen (en nooit tafelrestjes!).

 

Een veel gegeven advies op internet is dat de extraatjes maximaal 10% van de dagelijkse calorie inname zijn en dat je dit aftrekt van zijn maaltijd. Een kat van 4kg mag ongeveer 250kcal per dag – aan snoepjes is dit dus 25kcal. Persoonlijk raad ik veel minder dan dit aan overigens en zou ik gaan voor maximaal 1 snoepje per dag (wat bij supermarktsnoepjes neer komt om ongeveer 2 à 3 kcal).

 

Niet aanpassen op de levensfase

KittenEen kitten heeft veel meer voer nodig dan een volwassen kat, omdat hij nog in de groei is. Een senior kat (vanaf 7 jaar ongeveer) heeft weer minder nodig door verminderde activiteit.

 

Ook hebben gesteriliseerde katten minder voer nodig dan niet-gesteriliseerde katten. Dit heeft te maken met hun veranderde hormoonhuishouding. Dit is waarschijnlijk de meest gemaakte onbewuste fout.

 

Als je dit niet weet, is het makkelijk om te veel te geven. Zeker omdat de doseringen op verpakkingen vaak eenzijdig worden weergegeven. Er staat vaak alleen maar ‘is je kat zo zwaar, geef dan zoveel gram’.

 

Advies: Weet hoeveel je moet geven en monitor

Je kunt het beste zelf uitrekenen hoeveel voer je kat mag. Dat wat op de verpakking staat is namelijk heel vaak niet passend voor jouw kat. Dit komt omdat de adviezen vaak bedoeld zijn voor actievere buitenkatten, terwijl luiere binnenkatten maar ook gecastreerde katten minder voer nodig hebben.

 

Nadat je de richtlijn hebt berekend, is het belangrijk je kat regelmatig te wegen. Observeer ook zijn lichaam: zijn ribben moeten voelbaar zijn, maar net niet zichtbaar (zie ook de body condition score). Op deze manier valt het je snel op of je kat afvalt of dikker wordt. Hierop kun je de hoeveelheid aanpassen: ietsjes meer als hij afvalt, ietsjes minder als hij aankomt. Immers is geen kat precies hetzelfde!

 

Grofweg geldt:

  • Een niet-gesteriliseerde kat: 100kcal per kilo lichaamsgewicht0,67
  • Een gesteriliseerde of binnen kat: 75kcal per kilo lichaamsgewicht0,67

 

Dat betekent dat een gesteriliseerde kat ongeveer ¾ (75%) van de aangeraden portie op de verpakking krijgt. Doe hiervoor je eigen berekeningen, want de verpakking klopt gewoonweg niet altijd voor jouw kat.

 

Inactiviteit bij moderne (huis)katten

lazy catAls katten hun eigen maaltje moeten versieren, jagen ze meerdere keren per dag. Dat is niet altijd succesvol. Dat betekent ook dat ze soms wat meer eten dan nu nodig is, als anticipatie dat ze zometeen niets vangen.

 

In onze huizen echter is elke ‘jaagactie’ geslaagd: hun bakje staat klaar. Dat betekent dat in plaats van slapen – jagen – eten het nu slapen – eten – ehhh, nietsdoen, is geworden. Zeker binnenkatten hebben hier last van.

 

Dit betekent aan de ene kant dat katten altijd toegang hebben tot voer (energie), maar aan de andere kant lang niet zoveel energie hoeven te gebruiken als een kat die zijn eigen maaltijdjes verzorgt. Deze onbalans leidt tot overgewicht.

 

Bovendien denken veel eigenaren dat bewegen de belangrijkste factor in de vergelijking is. Echter als je meer gaat bewegen, past je metabolisme zich hierop aan. Daardoor gaat het afvallen steeds langzamer of stopt zelfs. Ik denk dat beweging heel belangrijk is, maar dat het soort voer en de hoeveelheid voer nog veel belangrijker zijn.

 

Advies: Speel met je kat

Spelen met je kat is de makkelijkste en leukste manier om je kat in beweging te laten komen.

 

Speel elke dag 10 minuten of totdat je kat ermee stopt. Bij hele dikke katten zal dit laatste het geval zijn. Soms zelfs al na een minuut. Dit is niet erg, maar blijf proberen. Je kunt het ook opdelen in verschillende sessies.

 

Een alternatief is een deel van zijn voer in brokjes door de kamer te gooien en hem te laten ‘jagen’. Zeker in de transitieperiode van droog- naar natvoer is dit een actieve manier.

 

De omgeving stimuleert overeten

De omgeving kan een rol spelen in het overeten. Er zijn katten die zichzelf kunnen redelijk reguleren en die niet veel eten. Hierop bestaat het tegenovergestelde – katten die dit no matter what toch flink overeten. Bovendien is dit enigszins natuurlijk gedrag: Ze eten nu wat meer, omdat er straks mogelijk niet meer zoveel beschikbaar is. Deze tekorten komen nooit, maar dat kunnen zij niet weten.

 

De geschiedenis kan er ook voor zorgen dat je kat overeet. Als hij bijvoorbeeld langere tijd een zwerfkat is geweest, waar het onzeker was wanneer hij zijn volgende maaltijd had, kan dit gedrag zich doorzetten. Ook al is er nu voldoende voer beschikbaar, hij zal blijven schrokken en overeten.

 

Ook andere factoren kunnen een rol spelen. Stress kan zorgen voor overeten, zoals net na een verhuizing. Tevens kan een meervoudig huisdierfamilie zorgen voor sneller en meer eten. Het is een overlevingsmechanisme om genoeg te krijgen – want straks staat het er misschien niet meer.

 

Tot slot kan verveling een rol spelen. Vooral bij binnenkatten is er niet veel te doen. Ze hoeven niet te jagen en hun ontdekkingsruimte is klein. Dit kan ertoe leiden dat ze continu naar dat smakelijke caloriebommetje lopen even verderop.

 

Advies: Gebruik voedselpuzzels

Om je kat uit te dagen is niet alleen spelen belangrijk, maar ook ‘jaagmogelijkheden’. Voedselpuzzels kunnen daarbij helpen. Door deze op verschillende plekjes te plaatsen en willekeurig te vullen, moet je kat op zoek naar zijn voedsel. Hierdoor moet hij meer moeite doen en wordt hij mentaal uitgedaagd.

 

Alhoewel lastiger te vinden, zijn er ook voerpuzzels voor natvoer. Hier vind je een aantal ideeën.

 

Omstandigheden: Genen en ziekten

In sommige gevallen wordt overgewicht (mede) veroorzaakt door een externe factor, zoals genen, omgeving en ziekten. Zo blijken niet-raskatten een grotere genetische aanleg voor obesitas te hebben. Zij worden sneller dik te worden dan raskatten. Hiermee moet je rekening houden bij het voeren.

 

In slechts sommige gevallen is er sprake van een ziekte die obesitas in de hand werkt. Ondanks dat al deze ziekten niet vaak voorkomen bij katten, is het belangrijk dat je deze samen met de dierenarts uitsluit. Een afvalprogramma zonder dit uitgesloten te hebben kan dweilen met de kraan open zijn en kan de problemen verergeren.

 

Voorbeelden van ziekten zijn:

  • Een te snel werkende schildklier (hypothyreoïdie), waardoor er te weinig thyroïde hormoon wordt aangemaakt. Hierdoor vertraagt het metabolisme.
  • Cushings ziekte, waarbij de aanmaak van het hormoon glucocorticoïde wordt vergroot. Dit is eetlust opwekkend.
  • Insulinoom: Een tumor in de alvleesklier verhoogt de aanmaak van insuline, waardoor een kat meer gaat eten en meer (vet)cellen aanmaakt

 

Denk erom dat sommige medicijnen ook de eetlust kunnen aanwakkeren. Vraag je dierenarts of dit zo is als jouw dier medicijnen gebruikt.

 

Advies: Overleg met je dierenarts

Als je vermoedt dat je kat te dik is of wordt, overleg dan met je dierenarts. Het is belangrijk ziekten uit te sluiten voordat je met een afvalprogramma begint.

 

Knijp geen oogje dicht naar je obese kattenvriendje

Dat er steeds meer katten overgewicht hebben is verontrustend. Niet alleen obese, maar ook katten met overgewicht hebben een verhoogd risico op serieuze gezondheidsaandoeningen. Gelukkig kunnen we hier zelf iets aan doen door beter voer te kiezen, de porties af te wegen en te spelen met onze katten.

 

Denk erom dat zelfs een kat die op goed gewicht zit, van binnen nog steeds veel te veel vet heeft in plaats van spiermassa. Droogvoer draagt hieraan bij door de hoeveelheid koolhydraten. Dus ook al is je kat slank, dan nog is kwalitatief voer beter.

 

Dit artikel is niet bedoeld om je een schuldgevoel aan te praten – in tegendeel, ik hoop dat het je energie geeft verder te zoeken en het beste te doen voor je kat. Hopelijk kunnen we samen deze aandoening bij zoveel katten terugdringen. Hier vind je alvast tips om te beginnen met afvallen voor je kat.

Pootje PurrfectCat

Bronnen:

Cijfers over obesitas: LICG, AD (krantenartikel) en PDSA (onderzoek PDF)

PhotoCredit: pixabay.com

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *